Samenwonen & trouwen

Relaties & Familie

Partnervrijstelling erfbelasting bij meerrelaties

Het komt nog wel eens voor dat meerdere personen met elkaar samenwonen, denk aan broers en zussen. Als een van hen overlijdt, kan de vraag ontstaan hoeveel erfbelasting moet worden betaald als een van de medebewoners of alle medebewoners de erfgenamen is of zijn. Dat hangt af van de vraag of er een partner van de overledene is aangewezen of niet.

In de Successiewet wordt het partnerschap geregeld. De persoon die door u wordt aangewezen als uw partner krijgt het recht op de hoge partnervrijstelling bij uw overlijden. De partner betaalt dan niet minimaal 30% tot maximaal 40% erfbelasting over uw erfenis, maar minimaal 10% tot maximaal 20%. Het sowieso vrijgestelde bedrag voor uw partner bedraagt dan € 643.194 in plaats van € 2.147.
 
Binnen de Successiewet geldt de hoofdregel dat slechts twee personen elkaars partner kunnen zijn. Dit geldt in ieder geval als zij gehuwd zijn of een geregistreerd partnerschap zijn aangegaan. Twee ongehuwde personen kunnen voor de erfbelasting ook als partners van elkaar worden aangemerkt mits zij een notarieel samenlevingscontract hebben gesloten.
Ook kunnen twee ongehuwde personen partner van elkaar zijn als zij onafgebroken ten minste vijf jaren op hetzelfde woonadres ingeschreven hebben gestaan in de BasisRegistratie Personen (bij de gemeente). Echter zegt de wet ook dat als één van de twee personen op basis van het voorgaande eveneens met een andere persoon als partner kan worden aangemerkt, geen van de personen meer als partner wordt aangemerkt!
 
In de parlementaire behandeling staat hierover het volgende: “In het nieuwe uniforme basispartnerbegrip kan iedereen maar één partner hebben en is geen plaats meer voor de zogenoemde meerrelaties. (…) Voorts zie ik geen aanleiding een uitzondering te creëren voor broers en zusters die in de ouderlijke woning zijn blijven wonen.”
 
De staatssecretaris van Financiën heeft wel een oplossing voor (een deel van) dit probleem bedacht. Namelijk dat als u met meerdere personen samenwoont u met één van die personen een notarieel samenlevingscontract kunt sluiten. Strikt genomen komt deze persoon dan toch niet in aanmerking voor de vrijstelling, maar op grond van een toezegging van de staatssecretaris mag u deze wetsbepaling iets ruimer toepassen: het feit dat twee personen een notarieel samenlevingscontract hebben afgesloten geeft dan de doorslag. In het beleidsbesluit is goedgekeurd dat in een dergelijk geval de personen met een notarieel samenlevingscontract elkaars partners zijn. De ander die bij hen woont, blijft dan buiten aanmerking bij de beoordeling van het partnerschap van de notarieel samenwoners.
 
Recentelijk is over een dergelijke situatie ook geprocedeerd bij de rechtbank Gelderland. In dit geval was een zus erfgenaam van haar zus waarmee zij - samen met een andere zus - tot het overlijden meer dan vijf jaar onafgebroken heeft samengewoond. In deze periode stonden alle drie zussen op het adres van de woning in de basisregistratie personen ingeschreven. Tussen de zus/erfgenaam en de overleden zus was geen notarieel samenlevingsovereenkomst gesloten.
De rechtbank heeft geoordeeld dat de zus/erfgenaam voor de erfbelasting geen recht heeft op de partnervrijstelling. De betreffende zus heeft nog gewezen op de hiervoor besproken mededeling van de staatssecretaris. Zij stelde dat als wel een keuze zou zijn gemaakt voor een samenlevingscontract, deze keuze identiek zou zijn geweest aan de inkomstenbelasting waar al jarenlang sprake is van fiscaal partnerschap tussen haar en haar overleden zus. De rechtbank oordeelde echter dat een beroep op het gelijkheidsbeginsel faalt omdat er geen notarieel samenlevingscontract is en er geen sprake is van gelijke gevallen.
 
Conclusie is dat het noodzakelijk is om bij de notaris een samenlevingscontract af te sluiten indien u met meerdere personen met elkaar samenwoont en gebruik wilt maken van de verhoogde partnervrijstelling in de Successiewet. Wilt u hier meer over weten? Bel ons voor een afspraak.
 
Wilt u meer informatie hierover? Neem dan contact op met ons kantoor, wij helpen u graag verder!
2018-10-01
Vrijstelling over schenking bij sluiten samenlevingscontract in zicht

Als u gaat trouwen of huwelijkse voorwaarden wijzigt, hoeft u niet bang te zijn dat er een aanslag schenkbelasting op de deurmat valt. Dat heeft de staatssecretaris in maart 2018 in een besluit laten weten. Het onderwerp werd actueel toen per 2018 de wettelijke beperkte gemeenschap van goederen werd ingevoerd. Deze wet verving de algehele gemeenschap van goederen bij trouwen zonder huwelijkse voorwaarden. Voor samenwoners is op dit vlak nog niets geregeld. Daar komt mogelijk verandering in.

Desgevraagd heeft de staatsecretaris aan de Tweede Kamer duidelijk gemaakt dat een algemene goedkeuring over een verdeling van het gezamenlijk vermogen dat de 50-50-grens niet overschrijdt, niet tot de mogelijkheden behoort. Om dat te realiseren is volgens de staatssecretaris een gedetailleerder regelgeving nodig, waarin wordt vastgelegd wanneer die grens wordt overschreden. Hij vindt een beleidsbesluit daarvoor niet passen. Met de bestaande regels zijn nu in elk geval de meest voorkomende huwelijksgoederenregimes gediend, zoals de (beperkte) wettelijke gemeenschap van goederen, de algehele gemeenschap van goederen met gelijke delen en voor huwelijksvoorwaarden met een over en weer geldend finaal verrekenbeding.
 
Nieuw is dat de staatssecretaris of de regels die nu gelden voor huwelijken waarin een verplicht finaal wederkerig verrekenbeding is overeengekomen ook kunnen worden toegepast op notariële samenlevingscontracten.
 
Wilt u meer weten over de mogelijkheden van vermogensverdeling binnen huwelijk of samenwonen? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-09-10
Clausules in samenlevingscontract moeten in redelijkheid worden nageleefd

Veel samenwoners die een huis kopen, laten bij die gelegenheid meestal ook een notarieel samenlevingscontract opmaken. Dat is vooral nuttig om duidelijke afspraken vast te leggen wat ieders verplichtingen en rechten zijn, met name voor het geval van onverhoopt uit elkaar gaan of – in combinatie met een testament – overlijden.

In alle gevallen is het belangrijk dat de redactie van de afspraken geen aanleiding tot onenigheid kan geven. In de praktijk blijkt toch altijd weer dat partijen daar hun eigen uitleg aan geven. Zo ook in een situatie waar beide partners na het beëindigen van hun relatie toch in het gezamenlijke huis blijven wonen. Desondanks komt het toch tot een geschil, namelijk over de verkoop van de woning en de daarbij horende prijs. In de samenlevingsovereenkomst staat dat de ex-samenwoners over de toedeling van het huis aan een van hen tot overeenstemming moeten komen binnen drie maanden nadat de ene partner aan de andere heeft laten weten dat hij of zij tot die toedeling wil overgaan. Als het hun binnen die termijn niet lukt, dan moeten beiden meewerken aan verkoop aan een derde.
 
Tot zover geen probleem, dat ontstaat pas als partijen er binnen drie maanden niet uit komen tegen welke prijs het huis aan een van hen kan worden toegedeeld. De verkoopprijs is het twistpunt. Moet verkoop tegen een zo hoog mogelijke verkoopprijs, waarbij elke partner mag overbieden, of moet het huis – bij belangstelling – aan een van de ex-partners worden toegedeeld tegen een door een makelaar, in overleg met makelaars van beide partijen vast te stellen prijs?
 
Het hof constateert dat het beding min of meer de strekking heeft dat een partner na drie maanden niet meer de mogelijkheid heeft het aandeel van de ander toegedeeld te krijgen. Toch kunnen drie maanden verstrijken zonder dat toedeling heeft plaatsgevonden, terwijl een van de partners wel tot toedeling wil overgaan. In dit geval was er reeds een bindende koopprijs vastgesteld door makelaars. Vanwege het niet-bereiken van overeenstemming over de koopprijs had toedeling echter nog niet plaatsgevonden binnen drie maanden. Het hof vindt het in strijd met de redelijkheid en billijkheid om in zo'n geval de drie maanden termijn strikt toe te passen. De onwillige partij moet goede trouw bewijzen. Omdat hij dat in dit geval niet kon, concludeert het hof dat, vanwege de reeds vastgestelde bindende koopprijs een beroep op een hogere waarde faalt.
 
Wilt u meer weten over toedeling van onroerend goed na uiteengaan na samenwonen of huwelijk? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-08-20
Helft Nederlanders heeft geen voogdij over kinderen geregeld

Het regelen van voogdijschap over kinderen na overlijden van de ouders wordt in Nederland door maar één op de twee ouders gedaan. Dat blijkt uit een recent Monuta-onderzoek. Slechts één op de drie ouders heeft de voogdij in een testament vastgelegd. Bijna de helft van de ondervraagde mensen heeft nog helemaal niets geregeld.

Er zijn voldoende redenen waarom u de voogdij over uw kinderen tijdig regelt. Daarmee heeft u bijvoorbeeld maximale invloed op de verzorging van uw kinderen na uw overlijden. Bovendien voorkomt u dat de rechter een beslissing moet nemen over wie uw kinderen verder gaat opvoeden en verzorgen. Daarnaast voorkomt u getouwtrek om uw kinderen tussen families, Kinderbescherming en rechter.
U zorgt voor een veilige en vertrouwde situatie voor uw kinderen voor het geval ze in een dergelijke verdrietige situatie terecht komen. Tot slot stelt u daarmee ook het vermogen van uw kinderen veilig.
 
Wilt u meer weten over voogdij? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-07-23
Wel of geen schenkbelasting bij het aangaan van huwelijkse voorwaarden

Met ingang van 1 januari 2018 is het huwelijksvermogensrecht gewijzigd in die zin dat er geen algehele gemeenschap van goederen meer ontstaat bij het aangaan van het huwelijk. In plaats daarvan is er nu een beperkte gemeenschap van goederen waarin de echtgenoten ieder voor de helft gerechtigd zijn. Voorhuwelijkse bezittingen en schulden van een van de echtgenoten blijven privé en vallen niet in de gemeenschap. Ook erfenissen en schenkingen blijven privé. Alleen de goederen die voor het huwelijk al gezamenlijk van de echtgenoten waren en goederen die tijdens het huwelijk gezamenlijk worden verkregen vallen in de gemeenschap.

Het nieuwe huwelijksvermogensrecht kan voor partners een aanleiding geven om huwelijkse voorwaarden te willen maken vóór of tijdens het huwelijk. Het maken van de huwelijkse voorwaarden kan in sommige gevallen een verschuiving van vermogen met zich meebrengen tussen de echtgenoten. Bijvoorbeeld als echtgenoten eerst buiten gemeenschap van goederen getrouwd zijn en nu willen overgaan naar een gemeenschap van goederen.
 
Bij de presentatie van het Belastingplan 2018 werden nieuwe wettelijke regels voorgesteld om te beoordelen of bij het aangaan van een huwelijk of het maken van huwelijksvoorwaarden schenkbelasting moest worden betaald. De bedoeling van deze wetgeving was om misbruik tegen te gaan door mensen die bij het aangaan van een huwelijk of het wijzigen van huwelijksvoorwaarden schenkbelasting willen ontgaan. De Tweede Kamer vond echter dat door dit voorstel te ver ging en te veel burgers zouden worden geraakt en de Staatssecretaris van Financiën heeft vervolgens het voorstel opnieuw bekeken en nu nieuw beleid bekend gemaakt.
Uit dit beleid blijkt wanneer geen sprake zal zijn van heffing van schenkbelasting, namelijk:
  1. een huwelijk aangaan zonder huwelijkse voorwaarden leidt niet tot heffing;
  2. het maken van huwelijksvoorwaarden waarbij wordt aangesloten bij het wettelijk huwelijksvermogensregime leidt ook niet tot heffing ;
  3. het maken van huwelijksvoorwaarden waarbij de echtgenoten zich over en weer verplichten om bij echtscheiding en overlijden, of alleen bij overlijden, op gelijke voet met elkaar af te rekenen conform de wet zoals die voor en na 1 januari 2018 geldt, leidt ook niet tot heffing van schenkbelasting. In dit beleid is overigens geen gelijke regeling voor samenwoners genoemd, die kunnen mogelijk een beroep doen op een brief van de Belastingdienst uit 2013;
  4. als de partners samen een eigen woning hebben en in de huwelijkse voorwaarden hebben vastgelegd dat een echtgenoot meer eigen vermogen heeft ingebracht en de ander een schuld aan de inbrengende echtgenoot heeft, is – onder voorwaarden - geen schenkbelasting verschuldigd;
  5. als partners huwelijksvoorwaarden maken waarbij wordt afgesproken een algehele gemeenschap van goederen aan te houden, maar waarbij zij verder afspreken om bij ontbinding van het huwelijk niet op gelijke basis, maar ongelijk te verdelen. Er wordt dan geen schenkbelasting geheven als de meest vermogende echtgenoot na de verdeling nog ten minste vijftig procent heeft van het gemeenschappelijk vermogen, en maximaal de gerechtigdheid die hij voordien al had. Dit geld ook als de partners niet overgaan naar een gemeenschap van goederen maar afspreken aan het eind van het huwelijk ongelijk te verrekenen.

Wilt u meer informatie over het aangaan van huwelijkse voorwaarden neem dan contact op met ons kantoor, wij helpen u graag verder!

2018-06-18
Uw kinderen belangrijk genoeg om voogdij te regelen

Uw kinderen zijn belangrijk. Daarom denkt u als ouders na over de toekomst van uw kinderen. Maar wat als die toekomst anders loopt dan u hoopt en verwacht. De wet zegt dat elk kind onder de 18 jaar juridisch niet voor zichzelf mag en kan zorgen. Dat betekent dat iedere minderjarige onder gezag moet staan. U kunt dat helemaal zelf in de hand houden, ook na uw overlijden. Daarvoor is een notarieel vastgelegde voogdijregeling nodig.

Volgens de Nederlandse wet moet elke minderjarige onder gezag staan. Dat gezag houdt in dat er één, maar meestal twee personen verantwoordelijk zijn voor de opvoeding van een kind. In de meeste gevallen berust dit gezag bij de ouders. Dit "ouderlijk gezag" hebben de ouders in bijna alle gevallen samen tijdens hun huwelijk of samenwoning. Na scheiding geldt dat tegenwoordig meestal ook. Dit staat bekend onder de naam "co-ouderschap".
 
Maar hoe zit dat nou als de ouders er niet meer zijn? In zo'n geval benoemt de rechter een voogd over de kinderen. De rechter luistert daarbij naar de familie van de kinderen en naar de kinderen zelf als deze ouder dan 12 jaar zijn. Verder krijgt de rechter advies van instanties voor jeugdzorg/kinderbescherming.
Op basis van alle informatie die daaruit komt neemt de rechter een beslissing en wordt iemand als voogd over uw kinderen aangewezen.
In eigen hand houden
Dat betekent dus dat u niet zeker weet wie na overlijden van u en uw partner de verantwoordelijkheid voor uw kinderen gaat krijgen. Wie gaat erop letten dat ze op tijd naar bed gaan, gezond eten, naar school gaan, met geld leren omgaan enzovoort? Kortom, wie neemt in dat geval de zorg voor uw kinderen over?
In Nederland vinden we het belangrijk dat dit goed geregeld is. Zo belangrijk zelfs, dat de mogelijkheid bestaat om zelf te bepalen wie de zorg voor uw kinderen krijgt na uw overlijden. Dat is trouwens helemaal niet ingewikkeld. Het enige dat u daarvoor hoeft te doen is bij ons een voogd van uw eigen keuze voor uw kinderen aan te wijzen en te laten vastleggen. Dat kan door een testament te maken. Het voordeel daarvan is dat u daarin ook andere dingen voor na overlijden kunt vastleggen. Maar de voogd kan ook worden aangewezen in een akte die alleen maar over de voogdij gaat.
 
Degene die u als voogd wilt aanwijzen hoeft op dat moment niets te doen. Hij of zij hoeft geen handtekening te zetten en geen toestemming te geven. De beoogde voogd hoeft strikt genomen zelfs helemaal niets van de voogdbenoeming te weten! Hoewel het natuurlijk wel verstandig is om vooraf aan de door u gewenste voogd te vragen of hij/zij dat wel wil en kan.
Met zo'n voogdbenoeming kunt u eventueel ook een aantal persoonlijke wensen laten vastleggen. Bijvoorbeeld of u vindt dat uw kinderen bij elkaar moeten blijven. Of dat iemand anders dan de voogd verantwoordelijk wordt voor de financiën van uw kinderen. Daarnaast is het mogelijk om niet één, maar twee personen als voogd aan te wijzen.
 
Uw kinderen zijn belangrijk genoeg om de voogdij te regelen. Voor u is het daarbij goed om alle informatie te hebben over wat kan en wat niet kan. Wij weten er gelukkig alles van. Wilt u meer weten of een afspraak maken? Bel ons of gebruik onderstaande mogelijkheid zodat wij contact met u kunnen opnemen.
2018-05-21
Schuld meerinbreng bij koop huis wel of niet in gemeenschap van goederen

Het gebeurt vrij regelmatig dat samenwoners een huis kopen, elk voor de helft daarvan eigenaar worden, maar dat de een meer geld inbrengt voor de aankoop dan de ander. Degene die meer geld inbrengt krijgt dan een vordering op zijn of haar partner. Die vordering bedraagt de helft van de meerinbreng. Als zij nu (2018 of later) trouwen zonder huwelijksvoorwaarden te maken, gebeurt dat op basis van de nieuwe regels in het huwelijksvermogensrecht in beperkte gemeenschap van goederen. De vordering blijft buiten de gemeenschap, maar de schuld valt wel in de gemeenschap. Wie dat niet wil, heeft huwelijkse voorwaarden nodig.

Onder de nieuwe wettelijke huwelijksgoederenregels valt de vordering niet in de beperkte gemeenschap van goederen, maar de schuld wel. Dat kunt u voorkomen met huwelijkse voorwaarden en daarin weliswaar de beperkte gemeenschap overeenkomen, maar ook regelen dat de betreffende schuld buiten de gemeenschap valt. Het ministerie van Financiën heeft op dit onderdeel bepaald dat er in dit geval geen sprake is van schenking.
 
Wilt u meer weten over het (deels) afwijken van de wettelijke beperkte gemeenschap van goederen? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-05-14
Voorkom onderbewindstelling met levenstestament

Wilt u voorkomen dat uw vermogen onder bewind wordt gesteld van iemand die u daar zelf niet voor zou hebben uitgezocht, voor het geval u zelf niet meer in staat zou zijn om daarover beslissingen te nemen? Zorg er dan voor dat u een levenstestament heeft laten opmaken. Daarin geeft u een algemene volmacht aan iemand die naar uw mening instaat is om uw belangen te behartigen.

U kunt in uw levenstestament ook nadrukkelijk opnemen dat u niet onder curatele wilt worden gesteld of dat er bewind over uw goederen wordt ingesteld. Als er dan ooit verschil van mening zou ontstaan over de wenselijkheid toch bewind over uw vermogen in te stellen, geeft u met het levenstestament de rechter een duidelijk instrument in handen om dergelijke verzoeken af te wijzen.
 
ilt u meer weten over het maken van een levenstestament en de vele wensen die u daarin kunt laten vastleggen? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-05-07
Samenwonen zonder samenlevingsovereenkomst is voor eigen risico

Telkens opnieuw blijkt uiteindelijk voor de rechter dat het niet zo slim is om samen te wonen zonder samenlevingscontract. Het levert vrijwel altijd geschillen op tussen partners als zij uit elkaar gaan.

Het Hof Den Bosch werd onlangs weer geconfronteerd met een dergelijke zaak. De man heeft gedurende de samenwoning alle premies betaald van de levensverzekering die was gekoppeld aan een gezamenlijke hypotheekschuld. Hij had ook een flink bedrag in de gezamenlijke woning geïnvesteerd. Nu, aan het einde van de rit, wilde hij geld zien van zijn inmiddels ex-partner.
Uit de stukken bleek echter dat hij in staat was gesteld om carriere te maken en inkomen op te bouwen, gedurende welke tijd zijn partner voor het huishouden en de kinderen zorgde. De man betaalde dan ook de premies op de polis waarin beiden verzekerden en begunstigden zijn. Omdat dit gedurende lange tijd zo is geweest, ging de rechter uit van een stilzwijgende overeenkomst op dat terrein, althans wat betreft de levensverzekering en de hypotheekrente. Rekening man dus.
 
Bij de investering en de aan de hypotheeklening gekoppelde polis ligt dat genuanceerder. De waarde van de polis wordt bij de waarde van het huis opgeteld. Minus de hypotheekaflossing blijft er een bedrag over dat kleiner is dan de investering die de man ooit gedaan heeft. Dat weliswaar kleinere bedrag kan vanuit de gemeenschap aan de man ten goede komen. Hij lijdt dan nog steeds een verlies. Zonder samenlevingsovereenkomst is er echter geen grond – behalve redelijkheid en billijkheid – waarop de man iets van zijn ex-partner kan vorderen.
Het Hof ziet in dit geval ook redelijkheid en billijkheid niet als grond. Partijen hebben ooit afgezien van het aangaan van een samenlevingsovereenkomst. Daarin wordt meestal opgenomen dat bij een gezamenlijke woning, de partner die meer heeft bijgedragen dan de ander een vordering op die ander heeft voor de helft van het verschil. Hadden partijen dat wel gedaan, dan zou elk van hen voor de helft delen in de waardeschommeling (zowel winst als verlies). De keuze om zonder samenlevingsovereenkomst samen te wonen is een keuze van partijen en daarmee voor hun eigen risico
 
Wilt u meer weten van het voorkomen van dit soort geschillen en risico's in een goed samenlevingscontract? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-04-23
Vergoedingsrecht bij beëindiging samenwonen meestal niet geoorloofd

Soms komen opmerkelijke afspraken voor in een samenlevingsovereenkomst. Een daarvan is de afspraak dat in geval de samenwoning anders dan door overlijden dan wel huwelijk tussen beide partners wordt verbroken, de ene partner de andere partner voor ieder samengewoond jaar een bedrag vergoedt. De vraag is of een dergelijke afspraak nietig is, in strijd met de goede zeden.

Met de afspraak wordt aan een van beide partners een in tijd oplopende boete opgelegd voor het geval de samenwoning wordt verbroken. Is er dan sprake van een onzedelijk beding of valt de afspraak onder de contractvrijheid van samenwonende meerderjarigen. Beiden wisten immers wat zij ondertekenden.
 
In een zaak voor de rechtbank Rotterdam kwam de aap uit de mouw. De man kreeg door de samenwoning een verblijfsvergunning voor een jaar, reden voor de vrouw om het gewraakte samenlevingscontract te sluiten. Daarmee wilde zij voorkomen dat hij na vijf jaar, als zijn verblijfsvergunning was omgezet naar onbepaalde tijd, zou vertrekken.
Het beding is volgens de rechter in strijd met de vrijheid van de man zelfstandig te beslissen over het samenwonen met de vrouw. Een beslissing daarover hoort in volle vrijheid te kunnen worden genomen. Bovendien was in dit geval te verwachten dat de man het vergoedingsbedrag nooit zou kunnen betalen. Daarmee was het beding nietig.
 
Een vergoedingsbeding is op zichzelf niet ongeoorloofd is. Het gaat om het motief dat bij de afspraak van toepassing was. Als een motief zou ontbreken, zou een dergelijk beding mogelijk wel geoorloofd kunnen zijn.
 
Wilt u meer weten over de houdbaarheid van afspraken in een samenlevingscontract? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-04-16