Ondernemingen

Ondernemen & Bedrijf

Fiscale vrijstelling van verschuiving winstaandeel in maatschap nog eens bevestigd

Als u samen met een partner een maatschap heeft en de onderlinge winstverdeling gaat aanpassen, kijkt de fiscus over uw schouder mee. Telkens opnieuw zal de fiscus beoordelen of de belastingregels goed zijn toegepast. Een methode om de winstverdeling te verschuiven is het ontbinden van de bestaande maatschap en in dezelfde akte een nieuwe maatschap aan te gaan en u beider aandeel daarin in te brengen.

In de wet is een inbrengvrijstelling opgenomen voor overdrachtsbelasting. Het belang van de fiscus is dan om te kijken of er al dan niet sprake is van inbreng in een onderneming, dan wel van een nieuwe fiscale situatie vanwege de gevolgen van de gekozen route, die voor de fiscus nadelig uitpakt. Onlangs was dat aan de orde en stelde de inspecteur dat het vrijgesteld schuiven met economische belangen binnen een bestaand samenwerkingsverband niet onder de inbrengvrijstelling zou vallen.

De Rechtbank oordeelde dat in een dergelijk geval (ontbinding en oprichting in één akte) de onderneming gewoon blijft bestaan. Als het gemeenschappelijke vermogen van de maatschap niet verdeeld is, is sprake van voortzetting van de onderneming door de maten, inclusief het onroerend goed dat daarbij hoort. Bovendien vindt de rechter dat overdrachtsbelasting het oprichten van vennootschappen die geen in aandelen verdeeld kapitaal hebben, niet mag belemmeren. De door de maten in dit geval gekozen route valt dan ook binnen doel en strekking van de wet.

Wilt u meer weten over aanpassing van winstverdeling in uw maatschap? Bel ons voor het maken van een afspraak.

2018-08-06
Schuld BV voor dga in privé onzakelijk zonder deugdelijke afdekking

Het is niet ongewoon dat een BV een lening aangaat om een schuld van de directeur-grootaandeelhouder (dga) in privé te financieren. Het is wel zaak dat de BV dan contractueel regelt dat alle negatieve effecten daarvan worden doorberekend aan de dga. Gebeurt dat niet, dan is sprake van een onzakelijke handeling.

Zonder deugdelijke afdekking van de risico's wordt een dergelijke lening door de fiscus beschouwd als een verkapte winstuitdeling aan de dga. Een dergelijk risico wordt gelopen als de rente gaat dalen en dergelijke gevolgen niet zijn afgedekt in een overeenkomst met de dga. De fiscus ziet in een dergelijke handeling een bewuste bevoordeling van de dga, waarmee de dga winst behaalt.
 
Wilt u meer weten over de juridische verhouding tussen dga in privé en uw BV? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-07-30
Zonder bedongen tegenprestatie uit vennootschap stappen heeft vervelende gevolgen

Ondernemerschap brengt ook juridische rechten en plichten met zich mee. Soms wordt daar onwetendheid, soms bewust niet zo nauwkeurig mee omgesprongen. Dat bleek onlangs maar weer in een zaak waarbij een vennoot zonder tegenprestatie te hebben bedongen uit de vennootschap met zijn broer stapte.

De broers hadden samen een garagebedrijf, in de vorm van een vennootschap onder firma. Op en bepaald moment gingen de broers uit elkaar, kort daarna gevolgd door het uittreden van een van de broers uit de vennootschap onder firma. Hij had daarbij geen enkele vergoeding voor zijn aandeel bedongen. Enkele maanden later werd het huwelijk van de uitgetreden broer door scheiding ontbonden. Dienstechtgenote verzocht de vervolgens de rechtbank te bepalen dat de vennoot door uit te treden zonder een tegenprestatie te bedingen wegens verspilling de huwelijksgemeenschap had benadeeld. De rechtbank wees dat verzoek af.
 
In hoger beroep stelde de echtgenote dat de waarde van het aandeel van de vennoot enkelen tonnen bedroeg en dat de onderneming over een vaste klantenportefeuille en goodwill beschikte. Zij meende dat haar ex-echtgenoot uitsluitend uit de vennootschap is getreden om zo zijn aandeel in de vennootschap onder firma buiten de verdeling van de huwelijksgemeenschap te houden. Haar ex-partner stelde dat hij vanwege zijn psychische gesteldheid niet kon functioneren en dat hij zich ook nooit had ingekocht. Daarom kon hij naar eigen zeggen ook geen aanspraak op een vergoeding kan maken.
 
Omdat de vennoot het door zijn echtgenote gestelde niet weersprak en zonder een vergoeding te verkrijgen uit het bedrijf is gestapt, ziet het hof reden om aan te nemen dat de vennoot daarmee de huwelijksgemeenschap heeft benadeeld. De benadeling vond plaats binnen zes maanden voor aanvang van de echtscheidingsprocedure, daarmee is de vennoot gehouden de geleden schade aan de huwelijksgemeenschap te vergoeden.
 
Wat opvalt, is dat partijen klaarblijkelijk zonder nader advies in te winnen allerlei acties hebben ondernomen. Voor de hand ligt dat je in een situatie als deze eerst advies inwint en overleg pleegt. Dat had veel ellende kunnen voorkomen.
2018-07-09
Afschaffing dividendbelasting en verlaging vennootschapsbelasting vraagt om actie

De beoogde afschaffing van de dividendbelasting in combinatie met de verlaging van de vennootschapsbelasting leidt tot een verhoging van de box 2 heffing. Dat betekent dat indien u nog niet uitgekeerde winst in uw besloten vennootschap heeft u er verstandig aan doet om over uitkering daarvan na te denken.

Wat is er aan de hand? De dividendbelasting voor de Nederlandse directeur-groot aandeelhouder, een voorheffing op de box 2 heffing, wordt afgeschaft. Vervolgens wordt ook de vennootschapsbelasting verlaagd. Tenslotte dient dat budgettair neutraal te geschieden.
 
De afschaffing van de dividendbelasting betekent dat er geen verrekening meer hoeft plaats te vinden met de box 2 heffing. De reden van de afschaffing van de dividendbelasting moet in het buitenland worden gezocht, bij de aandeelhouder die zijn voorheffing niet kan verrekenen. Wat de Nederlandse overheid daarmee misloopt, 1,4 miljard euro, gaat grotendeels worden gefinancierd door een verbreding van de grondslag. Dat betekent dat de binnenlands belastingplichtigen meer gaan betalen.
Daarnaast stelt de Nederlandse overheid dat er niet meer belasting gaat worden betaald. Dat klopt voor de nieuwe situatie, maar niet voor de oude gevallen. De verlaging van de vennootschapsbelasting leidt tot een hogere box 2 heffing, waarbij de som inderdaad gelijk blijft (vennootschapsbelasting + box 2 heffing). Als u al de "hoge" vennootschapsbelasting (25%) heeft betaald krijgt u daar ook nog eens een "hoge" box 2 heffing (28,5%) overheen.
 
Wellicht nog eens nadenken over een extra uitkering? Waarschijnlijk heeft u de tijd tot 2021, want dan pas zou een en ander in werking treden.
2018-06-25
Brief Belastingdienst over laatste btw-aangifte stoppende ondernemers

De Belastingdienst stuurt voortaan een brief naar stoppende btw-ondernemers. Hierin wordt de betreffende ondernemer gewezen op het doen van een laatste btw-aangifte. Pas daarna volgt de definitieve bevestiging van de uitschrijving als ondernemer voor de btw.

De Belastingdienst stuurt de brief alleen aan ondernemers die zich uitschrijven bij de Kamer van Koophandel (KvK). De brief volgt direct nadat de KvK de uitschrijving heeft doorgegeven. De Belastingdienst meldt dit op het Forum Fiscaal Dienstverleners.
 
In de brief wijst de Belastingdienst de stoppende ondernemer op het doen van de laatste btw-aangifte. Deze laatste btw-aangifte moet worden gedaan over het tijdvak waarin de onderneming is gestopt of overgedragen, ook als de ondernemer in dat aangiftetijdvak per saldo niets hoeft te betalen of ontvangt. Na de laatste btw-aangifte ontvangt de ondernemer van de Belastingdienst de definitieve bevestiging van zijn uitschrijving als ondernemer voor de btw.
 
Wilt u meer weten over de formaliteiten bij het staken van uw onderneming? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-06-04
Afschermen woonadres in handelsregister op verzoek mogelijk

Wie zich als btw-ondernemer met een eenmanszaak of een personenvennootschap (maatschap, vof) bij de Kamer van Koophandel inschrijft, moet er rekening mee houden dat zowel het bezoekadres van zijn bedrijf en zijn woonadres in de openbare registers worden ingeschreven. In de Tweede Kamer werden met het oog op de privacy vragen gesteld over mogelijk risico op identiteitsfraude. Het kabinet heeft daarvoor echter geen aanwijzingen.

Registratie van beide adressen is noodzakelijk omdat de betreffende ondernemers zowel zakelijk als persoonlijk aansprakelijk zijn voor schulden van de onderneming. Met de openbare registratie wordt de rechtszekerheid in het economische verkeer gediend.
Een ondernemer kan echter wel aan de Kamer van Koophandel vragen om zijn woonadres af te schermen. Als dat verzoek wordt gehonoreerd, is het woonadres alleen nog te achterhalen door daartoe bevoegde organisaties, waaronder notarissen
 
De staatssecretaris van financiën voegt er nog aan toe dat de verwerking van persoonsgegevens noodzakelijk is voor de afdracht van btw, maar dat er niet meer gegevens worden verwerkt dan voor dat doel noodzakelijk is. Voor de volledigheid zij opgemerkt dat zowel het btw-identificatienummer en het BSN nummer geen gegevens in het handelsregister zijn en daarmee ook niet openbaar zijn.
 
Wilt u meer weten over de regels en inschrijvingen bij het oprichten van een onderneming? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-05-21
Vergoeding aan pachter na onteigening gepacht perceel alleen op basis van de wet

Bij onteigening van verpachte grond komt er een einde aan het pachtrecht. Het pachtrecht vervalt met inschrijving van het onteigeningsvonnis in het Kadaster. De verpachter heeft recht op vergoeding van de werkelijke waarde van de grond. Hoe zit het met de pachter?

De Hoge Raad boog zich in een cassatieprocedure over de vraag of de pachter vermogensschade lijdt door beëindiging van de pachtovereenkomst door onteigening, nu de pachter de in de regio gebruikelijke vergoeding tussen afgaande en opkomende pachter van € 1,00 per m2 misliep.

De rechter in eerste aanleg oordeelde dat er rekening moet worden gehouden met deze vermogensschade en dat deze moet worden vergoed aan de pachter.
De Hoge Raad heeft echter beslist dat de pachter geen vermogensschade leed omdat een pachter geen rechthebbende op een onteigende zaak is vanwege het feit dat een pachtrecht geen beperkt zakelijk recht is dat afzonderlijk kan worden onteigend. Wel kan het mislopen van de voormelde vergoeding mogelijk inkomensschade opleveren, indien de schade in redelijkheid als een gevolg van de onteigening kan worden aangemerkt. Echter kan de schade alleen op basis van een wettelijke regeling die speciaal hiervoor geldt worden bepaald. Bij de vaststelling daarvan wordt gekeken naar de toestand waarin de pachter zou worden gebracht als de onteigening buiten beschouwing zou blijven. Bij vaststelling van de vergoeding tellen echter ook de voordelen mee die de pachter bij onteigening eventueel heeft genoten.

Wilt u meer weten over overdracht van pacht en de gevolgen daarvan? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-05-14
Zakelijke motieven leidend bij splitsing onderneming

Bedrijfsoverdrachten gaan nogal eens gepaard met wijziging van de bestaande ondernemingsstructuur. Voorbeelden daarvan zijn de overdracht van slechts een deel van het bedrijf of het voorafgaand aan de overdracht scheiden van ondernemingsvermogen en beleggingsvermogen. Hoe moeten de van toepassing zijnde splitsingsfaciliteiten in dergelijke gevallen worden toegepast?

De splitsingsfaciliteiten zijn bedoeld om ondernemers in staat te stellen dergelijke structuurwijzigingen zonder heffing van vennootschapsbelasting, inkomstenbelasting en overdrachtsbelasting te laten verlopen. Wilt u de faciliteiten toepassen, moet u wel aan voorwaarden voldoen.
Een van die voorwaarden is dat de splitsing moet zijn ingegeven door zakelijke motieven, die moeten de hoofdmoot van de motieven vormen. Daarom is het van belang om toepassing altijd eerst met de fiscus af te stemmen.
 
Zo diende vorig jaar een zaak voor de rechtbank Zeeland-West-Brabant, waarin uiteindelijk de splitsingsfaciliteit in de vennootschapsbelasting wel werd toegekend, maar die in de overdrachtsbelasting niet. Dat kwam omdat de aandelen van de afgesplitste vennootschap binnen drie jaar na de splitsingsdatumwaren verkocht. Daarmee vervielen in dit geval de zakelijke overwegingen die ten grondslag lagen aan de splitsing. Dit kan anders zijn indien het tegendeel kan worden aangetoond. Het enkele feit dat de splitsing plaats vindt in het kader van een verkoop van een gedeelte van een onderneming is voor de rechtbank niet voldoende om zakelijke motieven aan te nemen.
 
Wilt u uw onderneming gaan overdragen en voorziet u daarbij een splitsing? Weet dan dat de Belastingdienst scherp kijkt of de motieven voor splitsing echt zakelijk zijn dan wel alleen de schijn wekken dat te zijn. Wilt u hier meer over weten? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-04-30
Ontslagvergoeding in stamrecht-BV kan probleem opleveren

Heeft u in het verleden een ontslagvergoeding in een stamrecht-BV gestald? Dat kan u opbreken zodra u uw (aanvullend) pensioen hieruit moeten halen, terwijl het geld er niet meer is. Als het geld van de BV eerder is besteed aan privézaken, kunt u uw pensioen niet meer aanvullen met gelden uit de BV. Wél zult u nog met de fiscus moeten afrekenen. U bent er namelijk nog wel inkomstenbelasting over verschuldigd!

Dit probleem wordt regelmatig gesignaleerd door accountants en administratiekantoren. Een ontslaguitkering wordt onbelast in een stamrecht-BV gestort en later, als de (aanvullende) pensioenuitkering zal worden uitgekeerd zou u dan in het lage belastingtarief vallen. Maar als het geld al is opgemaakt, krijgt u met een IB-aanslag te maken over het tarief dat in de jaren van opname voor u gold. U krijgt alleen geen aanslag als de BV het geld heeft gebruikt voor beleggingen terwijl die beleggingen uiteindelijk niets hebben opgeleverd.
 
Voor de Belastingdienst gaat het erom of u in de BV zakelijk of onzakelijk met het beschikbare geld bent omgegaan. Zo is het bijvoorbeeld geen probleem als u geld uit de stamrecht-BV aan uzelf uitleent en u die lening aflost en er een normale rente over betaalt. Als u zonder het vast te leggen geld uit de BV haalt en daar privé dingen mee gaat doen, zal er bij het bereiken van de pensioenleeftijd geen of te weinig geld zijn om de belastingclaim te doen innen door de fiscus.
 
Loopt u tegen dergelijke problemen aan of verwacht u ze in uw situatie? Ga tijdig in gesprek met de Belastingdienst voor een hanteerbare oplossing.
2018-04-16
Aandeelhouders kunnen geen agendapunten afdwingen

In een recente conclusie van de advocaat generaal is antwoord gegeven op de vraag of een aandeelhouder een onderwerp op de agenda op de algemene vergadering van aandeelhouders kan afdwingen. Aandeelhouders hebben het recht om punten voor de agenda van de aandeelhoudersvergadering aan te dragen. Het bestuur en de raad van commissarissen stellen uiteindelijk de agenda vast.

Het bestuur en de raad van commissarissen zijn niet verplicht een stemming te agenderen over een onderwerp dat niet tot de bevoegdheid van de aandeelhoudersvergadering behoort. In de zaak waarop het advies van de advocaat-generaal van toepassing is, ging het om een onderwerp dat niet tot de bevoegdheid van de aandeelhoudersvergadering behoorde. Dat neemt overigens niet weg dat je er dan wel over van gedachten kan wisselen.
 
Aanleiding tot deze vraagstelling is het verzoek van een aandeelhouder om de bespreking van het onderwerp af te ronden met een stemming. Het ging weliswaar om een niet-bindende stemming – het ging niet over een bevoegdheid van de aandeelhoudersvergadering – die kon worden gezien als een aanbeveling.
Het bestuur en de raad van commissarissen willen uiteraard niet voor de voeten gelopen worden met een uitkomst van een hen onwelgevallige stemming, ook al gaat het maar om een aanbeveling. Dat was voor het bestuur en de raad van commissarissen reden om het onderwerp niet te agenderen.
 
De advocaat generaal meent dat het afdwingen van deze stemming niet uit de wet kan worden afgeleid en ook niet uit de EU richtlijn die op dat punt van toepassing is. Het is overigens nog niet bekend wanneer de Hoge Raad uitspraak gaat doen in deze zaak en of zij de advocaat generaal zal volgen.
 
Wilt u meer weten over uw rechten als aandeelhouder of over uw mogelijkheden als bestuur of raad van commissarissen? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-03-26

 

Vereniging & stichting

Vereniging kan niet over één nacht ijs bij ontzetting of opzegging lidmaatschap

Soms is een bestuur helemaal klaar met een of meer leden vanwege hun gedrag. Misschien herkent u het vanuit uw eigen omgeving. Maar het is niet zo eenvoudig om die leden te ontzetten uit hun lidmaatschap of hun het lidmaatschap te ontzeggen. Er is onderscheid tussen die laatste twee. En dan nog spelen meer criteria een rol.

Statuten, redelijkheid en billijkheid spelen een belangrijke rol bij de beoordeling van een voorgenomen ontzetting of opheffing van lidmaatschap. Rechten en verplichtingen van de leden blijken uit de statuten, reglementen en besluiten van de vereniging. In de wet staat dat de vereniging en haar leden zich tegenover elkaar en onderling behoorlijk behoren te gedragen; dat wordt in de wet aangevuld met de voorwaarde “wat in redelijkheid en billijkheid” van elkaar mag worden verwacht.
 
Ontzetting is doorgaans – blijkend uit statuten of regelementen van verenigingen – alleen mogelijk als een lid handelt in strijd met de statuten of reglementen, of zich ontoelaatbaar gedraagt ten opzichte van het bestuur of andere leden. Het is een tuchtrechtelijke maatregel, die alleen als uiterste middel kan worden toegepast. Hetzelfde kan worden bedoeld als in de statuten of reglementen de mogelijkheid van royement is opgenomen. Royement wordt in de jurisprudentie en in het hedendaagse spraakgebruik gelijkgesteld aan ontzetting uit het lidmaatschap.
 
Opzegging is iets anders. Het is een minder vergaande maatregel dan ontzetting. Opzegging door de vereniging is mogelijk als van een vereniging niet langer kan worden gevraagd het lidmaatschap te laten voortduren. De wet biedt deze mogelijkheid uitdrukkelijk. Of opzegging redelijk is hangt af van de vraag of een vereniging in de gegeven omstandigheden in alle redelijkheid al dan niet tot opzegging zou mogen overgaan. De wet geeft het bestuur de vrijheid om – weliswaar – in alle redelijkheid – tot een dergelijk besluit te komen.
 
Een verenigingslid heeft het recht heeft om zijn mening te uiten, maar dat moet dan wel gebeuren binnen de kaders van de wet, te weten dat de leden zich tegenover het bestuur en onderling behoorlijk behoren te gedragen. Als het gedrag meerdere keren negatieve effecten heeft gehad op de bestuursleden en leden en bijvoorbeeld bijdragen aan het creëren van tegenstellingen, dan wordt de grens overschreden. Het functioneren van een vereniging kaan daardoor nogal moeizaam worden. Ook onverenigbaarheid van karakters kan daaraan bijdragen. Dat zijn allemaal aspecten op grond waarvan een bestuur in redelijkheid tot een opzeggingsbesluit kan komen.
 
Wilt u meer weten over opzegging en ontzetting uit het lidmaatschap van een vereniging of het opstellen van waterdichte statuten? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-03-19