Nalatenschap & erven

Alles over schenkingen

Schenkingsvrijstelling eigen woning verandert per 2019

De mogelijkheid om schenkingen die vóór 2010 zijn gedaan tot een bepaald bedrag aan te vullen om te profiteren van de eenmalige schenkingsvrijstelling voor de eigen woning, komt per 1 januari 2019 gedeeltelijk te vervallen. Dat is de laatste stap uit het Belastingplan 2016 waarin dit is vastgelegd.  Het gaat om de verhoogde vrijstelling, boven op de jaarlijkse gebruikelijke vrijstelling van (in 2018) € 5.363.

Ouders mogen elk jaar belastingvrij een bedrag aan hun kinderen schenken. Voor 2018 is dat maximaal € 5.363. De vrijstelling kan eenmalig een keer worden verhoogd als de schenking bestemd is voor kinderen van 18 tot 40 jaar: Dan mag (in 2018) maximaal € 25.731 belastingvrij worden geschonken. Die vrijstelling kan nog verder worden verhoogd tot maximaal € 53.602 als het kind er een studie van betaalt. Het kan nog verder stijgen, tot maximaal € 100.800, als de schenking voor de eigen woning wordt gebruikt.

Als de ontvanger geen eigen kind is, mag de schenker aan elke willekeurige persoon (in 2018) € 2.147 belastingvrij schenken. Als het gaat om een ontvanger tussen 18 en 40 jaar, mag ook in deze gevallen eenmalig maximaal € 100.800 worden geschonken als het geld wordt besteed aan de eigen woning.

Als schenkers al voor 2010 gebruik hebben gemaakt van de verhoogde schenkingsvrijstelling, dan kan in 2018 alsnog een bedrag tot € 47.198 belastingvrij worden geschonken. Daar gelden wel voorwaarden bij:

· U heeft in 2015 een schenking met een beroep op de verhoogde vrijstelling van maximaal € 25.322 gedaan; of

· U heeft in 2015 een schenking van maximaal € 27.432 voor de eigen woning gedaan; of

· U heeft in 2016 een schenking met een beroep op de verhoogde vrijstelling van maximaal € 25.449 gedaan; of

· U heeft in 2016 een schenking van maximaal € 27.570 voor de eigen woning gedaan.

Als er tussen 2010 en 2014 al gebruik is gemaakt van de verhoogde vrijstelling voor de eigen woning, dan kunt u de vrijstelling niet opnieuw krijgen.

Alles wordt anders

Vanaf 1 januari 2019 kunt u nog steeds schenkingen van voor 2010 aanvullen, maar dan nog tot een bedrag van € 27.871 belastingvrij. Dit bedrag is gebaseerd op de indexering 2018 en zal nog worden aangepast. Wilt u daarvoor in aanmerking komen, kan dat alleen als u van 2010 tot en met 2016 geen schenkingen met een beroep op verhoogde vrijstelling heeft gedaan. Heeft u dat wel, komt u niet opnieuw in aanmerking.

De wijzigingen die op 1 januari 2019 ingaan, zijn voor u alleen van belang als u vóór 2010 al gebruik heeft gemaakt van de verhoogde schenkingsvrijstelling en nog aanvullend wilt schenken.

Wilt u meer weten over schenkingen en schenkingsvrijstellingen? Bel ons voor het maken van een afspraak.

2018-10-15
Alsnog beneficiair aanvaarden erfenis na ontvangst claim

Vennootschappen onder firma (vof) waarin broers samen een bedrijf runnen is een veel voorkomende werkwijze. Dat vergt wel goede en vooral vastgelegde afspraken over wat er moet gebeuren als één van beiden overlijdt. Dat bleek deze zomer maar weer eens in een zaak waarin na geruime tijd de tweede broer overleed.

De eerste broer overleed met achterlating van kinderen. Het beheer van het vermogen van deze overleden broer lieten de kinderen/erfgenamen over aan hun oom, die het bedrijf feitelijk voortzette. Vervolgens overleed deze oom. Die liet zijn erfenis niet na aan de kinderen van zijn eerder overleden broer, maar aan twee andere familieleden, die de nalatenschap (zuiver) aanvaardden. De kinderen van eerstoverleden vof-partner dienden daarop een vordering op de nalatenschap in over de periode tussen het overlijden van hun vader en het overlijden van hun oom. Zij stelden dat hun oom immers al die jaren – meer dan dertig in dit geval – het volle genot van het bedrijf heeft gehad. Zij wilden daar wel compensatie voor ontvangen. Daarop verzochten de erfgenamen de kantonrechter om alsnog beneficiair te mogen aanvaarden omdat er een onverwachte vordering was ontvangen.
 
De kantonrechter vroeg zich vervolgens af of er wel sprake was van een schuld. De erfgenamen betwisten immers de vordering van de kinderen van de eerstoverleden broer. Het staat dus nog niet vast of er sprake is van een schuld. Dat zal pas het geval zijn als onomstotelijk vaststaat dat de claim gebaseerd is op een wettelijke grondslag.
 
Gelukkig hoeft voor het beroep op de mogelijkheid alsnog beneficiair te aanvaarden niet vast te staan dat de claim ook echt een schuld zal blijken te worden. Als dan ook het saldo van de nalatenschap onvoldoende zal zijn om die claim te betalen, is er ook voor de kantonrechter reden genoeg om een beroep te doen op de mogelijkheid tot omzetten van de zuivere aanvaarding naar een beneficiaire aanvaarding. Dat geldt te meer omdat ten tijde van de zuivere aanvaarding de claim nog niet bekend was en de erfgenamen die niet konden weten en ook niet behoorden te weten. De erfgenamen kregen hun zin met het eindoordeel dat zij de erfenis beneficiair aanvaard hebben.
 
Wilt u meer weten over hoe u duidelijke wensen en afspraken over uw bedrijf of uw privé zaken kunt vastleggen in een testament? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-10-08
Erfgenaam is gebonden aan een door de overledene gesloten overeenkomst

Er is inmiddels in de Notariskrant al het een en ander geschreven over het aanvaarden van een nalatenschap, waarbij vermeld is dat het belangrijk is om een overzicht te hebben van de bezittingen en schulden van de nalatenschap. Voor een erfgenaam is daarnaast ook van belang te weten welke contractuele verplichtingen een overledene had.

Door het (zuiver) aanvaarden van de nalatenschap neemt de erfgenaam immers ook alle rechten en verplichtingen van de overledene over. Hij of zij is dan de “rechtsopvolger onder algemene titel”. Dat betekent dat hij in een lopend contract de positie van de overledene inneemt, bijvoorbeeld als schuldeiser, schuldenaar, verkoper, koper, verhuurder of huurder. Contracten eindigen vaak niet door het overlijden van een contractspartij. Het is dus goed mogelijk dat u door vererving ineens schuldenaar bent in een kredietovereenkomst of koper in een koopcontract, waarbij u gebonden bent aan de bepalingen van een contract dat u niet zelf persoonlijk hebt gesloten.
 
In maart dit jaar is door het Hof Den Bosch een vonnis gewezen, waarin het draaide om de vraag of de erfgenaam gebonden was aan een voorkeursrecht ten behoeve van een huurder in een huurovereenkomst. Een vrouw was daarin erfgenaam van haar echtgenoot. Tot de nalatenschap behoorde onder andere een bedrijfspand, dat verhuurd was aan een huurder, die de onderneming van de overledene had overgenomen. In het huurcontract dat de overledene met de huurder had gesloten was een voorkeursrecht ten behoeve van de huurder opgenomen, maar de echtgenote had het bedrijfspand aan een derde verkocht en overgedragen zonder het pand eerst aan te bieden aan de huurder.
 
De huurder heeft een rechtszaak aangespannen omdat hij vindt dat zijn voorkeursrecht is geschonden. De vrouw is van mening dat het voorkeursrecht door het overlijden van haar echtgenoot was vervallen en dat zij dus niet verplicht was het pand aan de huurder aan te bieden. Zij doet onder meer een beroep op een passage uit de huurovereenkomst: “Het voorkeursrecht vervalt eveneens, indien verhuurder geen eigenaar meer is van het verhuurde.” Zowel de kantonrechter als het Hof hebben geoordeeld dat het voorkeursrecht door het overlijden van de echtgenoot niet was vervallen. De wet bepaalt immers dat de dood van de huurder of de verhuurder de huur niet doet eindigen. De vrouw en de huurder staan tegenover elkaar in dezelfde positie als de oorspronkelijke partijen – de overleden echtgenoot en de huurder – tenzij uit de huurovereenkomst iets anders voortvloeit. Het is de rechter ook niet gebleken dat partijen ingeval van overlijden van de verhuurder van deze wettelijke regel hebben willen afwijken. Dat betekent dat de vrouw het voorkeursrecht van de huurder heeft geschonden door het pand niet aan de huurder aan te bieden.
 
Erfgenamen zijn dus gebonden aan een door de overledene gesloten contract. Dit geldt ook als de overledene de verplichtingen uit dit contract tijdens zijn leven zelf niet eens kon nakomen. Kunnen de erfgenamen het contract ook niet nakomen, dan kunnen zij worden aangesproken tot het betalen van een schadevergoeding aan de andere partij.
Het (zuiver) aanvaarden van een nalatenschap, ook als deze qua bezittingen en schulden een ruim positief saldo vertoont, kan aanzienlijke gevolgen voor u als erfgenaam hebben. In sommige situaties kunt u de nalatenschap beter niet zuiver aanvaarden, om te voorkomen dat u contractuele verplichtingen op u neemt die u moeilijk of niet kunt nakomen en om u te beschermen tegen aansprakelijkheid daarvoor.
 
Wilt u hier meer over weten? Bel ons voor een afspraak.
2018-09-24
Zuivere aanvaarding erfenis door deel van de kinderen kan veel geld kosten
Het al dan niet zuiver aanvaarden van een erfenis blijft voor erfgenamen een moeilijke zaak. Telkens weer ziet de rechter erfgenamen voor zich die dachten een positief saldo tegemoet te kunnen zien en van een koude kermis thuis kwamen. In de praktijk blijkt dat juist in nalatenschappen van de langstlevende ouder problemen kunnen zitten.
Bijvoorbeeld bij rentedragende schulden aan de kinderen uit een ouderlijke boedelverdeling (obv) als de eerste ouder lang geleden is overleden. Hierbij hebben de kinderen bij het overlijden van de eerstoverleden ouder een vordering op de langstlevende ouder gekregen ter grootte van hun erfdeel. Als deze vordering rentedragend is, kan deze vordering zo hoog oplopen dat deze uiteindelijk het vermogen van de langstlevende ouder als het ware opslokt.
 
Schrijnend is de situatie in dergelijke gevallen als een deel van de kinderen de erfenis van de langstlevende ouder zuiver aanvaardt en een ander deel van de kinderen beneficiair aanvaardt. Zodra blijkt dat er obv-schulden zijn die het vermogen van de langstlevende ouder overstijgen, is de reactie van kinderen die zuiver hebben aanvaard een beroep te doen op de wettelijke regels over het tegenkomen van onbekende schulden na zuivere aanvaarding. Daarnaast wordt ook wel een beroep gedaan op de redelijkheid en billijkheid onder verwijzing naar de bedoeling van de overleden ouders om alle kinderen gelijk te behandelen.
 
Het argument van “schulden niet gekend hebben” gaat niet op. Het ligt op de weg van alle erfgenamen – langstlevende ouder en kinderen – om na het overlijden van de eerstoverleden ouder diens testament te raadplegen of onderzoek te doen naar de afwikkeling van de nalatenschap van de eerstoverleden ouder alvorens zij de erfenis van de langstlevende ouder aanvaarden. Op die manier kunnen kinderen tijdig weten of in het eerste testament een ouderlijke boedelverdeling was opgenomen, leidend tot een vordering op de langstlevende ouder, al dan niet rentedragend. Wie zich daarin niet heeft verdiept, wordt door de rechter niet als te goeder trouw aangemerkt: zij hadden weet kunnen en moeten hebben van de schulden.
 
Vervolgens zal in dergelijke situaties ook een beroep op redelijkheid en billijkheid niet standhouden. De rechter moet op dit terrein de nodige terughoudendheid betrachten. Het kan zijn dat niet-gelijke verdeling van de laatste nalatenschap in strijd met de wens van de ouders, maar dat wil niet zeggen dat een ongelijke verdeling naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is. Als de ongelijke verdeling het gevolg is van het handelen van partijen zelf – of het nalaten daarvan – dan maken de zuiver aanvaardende kinderen geen schijn van kans om de nalatenschap alsnog beneficiair te mogen aanvaarden.
 
Wilt u meer weten over wat van u wordt verwacht als erfgenaam? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-09-17
Omzeilen derdentarief erfbelasting niet eenvoudig

Belasting betalen is niemands favoriete bezigheid. Hoe minder hoe beter, is het motto. Dat geldt zeker ook voor de erfbelasting, die vrijwel constant onder vuur ligt van erfgenamen en van allerlei deskundigen op dit terrein. Desondanks is het realiseren van gunstiger belastingtarief bij erfenissen meestal tot mislukken gedoemd.

Er zijn zoveel situaties denkbaar waarin het gevoel zegt dat een gunstiger tarief goed verdedigbaar is. Bijvoorbeeld in het geval een achternicht die voor een belangrijk deel door een oudtante is opgevoed en door die tante tot erfgenaam is benoemd. De aanslag erfbelasting die dan op de mat valt is berekend naar het derdentarief, met een vrijstelling van slechts € 2.147 en een belastingpercentage van 30% voor de eerste € 123.248 en 40% over het meerdere. Het verweer dat de relatie tussen de oudtante en de achternicht meer een oma-kleinkind relatie is geweest, doet daaraan niets af.

Wilt u meer weten over erven en schenken tegen zo gunstig mogelijke belastingtarieven? Bel ons voor het maken van een afspraak.

2018-09-10
Onderbewindstelling in testament van vóór 2003 ook nu nog geldig

In 2003 is het erfrecht gemoderniseerd. Testamenten die echter vóór die tijd zijn opgemaakt, behouden hun geldigheid. Dat komt sommige erfgenamen niet altijd goed uit. Dat bleek maar weer in een zaak waarin een destijds bij testament opgenomen bewind over het door een kind te verkrijgen vermogen, door dit kind na het overlijden van de langstlevende ouder – na 2003 – werd verzocht te laten opheffen.

In dergelijke gevallen is het overgangsrecht van toepassing. Daarin staat dat de nieuwe wet direct van toepassing is, behalve als bepalingen in een testament daarvan afwijken. Dat laatste is bij een onderbewindstelling zeker het geval. In deze zaak hadden de ouders zelf (om duidelijke redenen) een levenslang bewind voor ogen, getuige de tekst “zodra de onderbewindgestelde komt te overlijden”. Een dergelijke bepaling is voor de rechter reden om dat te eerbiedigen. Zelfs bij dwingend recht – wat in het nieuwe erfrecht het geval is – geldt dat daar bij testament kan worden afgeweken.
 
Als uit een testament blijkt dat het daarin opgelegde bewind pas eindigt bij overlijden van het onder bewind gestelde kind, dan moeten erfgenamen er van uitgaan dat de ouders bedoeld hebben om dat bewind te laten duren tijdens het gehele leven van het betreffende kind. Er is dan in beginsel geen mogelijkheid om het bewind tussentijds te beëindigen.
 
Wilt u meer weten over het onder bewind stellen van de erfenis van een of meer kinderen? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-08-27
Schenkbelasting verrekenen met erfbelasting bij overlijden schenker binnen 180 dagen

Wanneer er tussen de datum van ontvangst van een schenking en het overlijden van de schenker minder dan 180 dagen zit, is er volgens de wet sprake van een zogenaamde fictief erfrechtelijke verkrijging. Dat betekent dat bij de fiscale afwikkeling de schenking als (deel van de ) erfenis wordt behandeld. Er is dan over de schenking geen schenk- maar erfbelasting verschuldigd.

De schenkbelasting die over de schenking is betaald, wordt vervolgens in mindering gebracht op de erfbelasting. Echter, de 180-dagenregeling geldt niet voor alle schenkingen. Een van de uitzondering is de schenking voor de eigen woning (in 2018 maximaal € 100.800 belastingvrij). Over deze schenking hoeft ook in het geval van overlijden van de schenker binnen 180 na de schenking geen erfbelasting te worden betaald.
 
Wilt u meer weten over schenk- en erfbelasting? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-07-16
Voor- en nadelen van een renteclausule in uw testament

In veel testamenten staat een regeling ten behoeve van de langstlevende partner. Vaak is het dan zo beschreven, dat de langstlevende de hele nalatenschap in eigendom krijgt en aan de kinderen hun erfdeel schuldig blijft. De kinderen hebben dus een vordering op de langstlevende. Meestal is dan ook een bepaling in het testament opgenomen over rente.

Er zijn verschillende mogelijkheden. De langstlevende kan de bedragen aan de kinderen renteloos schuldig blijven, de erfgenamen kunnen samen een rentepercentage afspreken, of er staat in het testament dat er jaarlijks een bepaald percentage aan rente wordt bijgeschreven bij de vordering.
Een renteclausule is belangrijk, want deze heeft invloed op de heffing van erfbelasting. Er kan een fiscaal voordeel mee worden behaald, maar er kunnen ook nadelige effecten zijn.
Wat zijn de voor- en nadelen van een renteclausule?
Renteloos

Als de langstlevende de bedragen aan de kinderen renteloos schuldig blijft, is er bij het eerste overlijden minder erfbelasting verschuldigd dan wanneer de erfdelen van de kinderen rentedragend zijn. Dat is voordelig voor de langstlevende, want die moet de erfbelasting, die geheven wordt over de vorderingen van kinderen, voorschieten. De vorderingen van de kinderen blijven in deze situatie hetzelfde bedrag dat is vastgesteld op basis van het vermogen op de overlijdensdatum. Dus ongeacht hoeveel jaren er verstrijken vanaf de sterfdatum van de eerstoverleden ouder tot het overlijden van de langstlevende ouder.

Jaarlijks rentepercentage bijschrijven
Als in het testament is bepaald dat er een bepaald rentepercentage jaarlijks wordt bijgeschreven bij de vorderingen van de kinderen, heeft dat in de eerste plaats invloed op de erfbelasting die de langstlevende moet betalen over de vorderingen van de kinderen. Een rentedragende vordering wordt namelijk hoger gewaardeerd dan een renteloze vordering.
Voor de langstlevende is het bijschrijven dus minder voordelig. Voor de kinderen kan rentebijschrijving voordelig zijn. Immers, het bedrag van hun vordering wordt ieder jaar groter. Onder andere als de langstlevende komt te overlijden wordt de vordering inclusief de bijgeschreven rente opeisbaar. Dat totaalbedrag kunnen de kinderen in mindering brengen op de nalatenschap van de langstlevende ouder. Daardoor wordt het saldo van de nalatenschap lager en is er minder erfbelasting verschuldigd. Over het bedrag van de bijgeschreven rente wordt dus geen erfbelasting geheven. Het voordeel wordt groter naar mate meer jaren zijn verstreken tussen het eerste en laatste overlijden. Als de ouders binnen korte tijd na elkaar komen te overlijden, is de rentebijschrijving zeer waarschijnlijk juist niet voordelig geweest.
 
Behalve dat de langstlevende meer erfbelasting over de erfdelen van de kinderen moet betalen, kan er nog een nadeel ontstaan als de vorderingen rentedragend zijn gemaakt in het testament. Stel dat de eerstoverleden ouder jong overlijdt en de langstlevende vele jaren later komt te overlijden en inmiddels een nieuwe partner had, kan het zijn dat de vorderingen van de kinderen zodanig in omvang zijn gegroeid dat er niets meer van de nalatenschap van de langstlevende resteert voor de nieuwe partner. Een renteclausule kan in de weg staan aan de wens van de langstlevende om een eventuele nieuwe partner in financieel opzicht verzorgd achter te laten.
Flexibele renteclausule
Het is ook mogelijk om een flexibele renteclausule op te nemen. Bijvoorbeeld dat de vorderingen van de kinderen renteloos zijn, tenzij de erfgenamen anders overeenkomen. Een renteafspraak moet dan meestal binnen acht maanden na het overlijden worden gemaakt, in verband met het indienen van de aangifte erfbelasting. Zo kan er bij het eerste overlijden worden gekeken wat op dat moment, gezien de samenstelling van de nalatenschap, gunstig is en hoeft die keuze nog niet te worden gemaakt bij het maken van het testament.
 
Overigens, als er in een testament niets over rente wordt bepaald (en de wettelijke verdeling van toepassing is), dan geldt dat er alleen rente wordt bijgeschreven indien en voor zover de wettelijke rente (voor niet-handelstransacties) hoger is dan 6%. De wettelijke rente bedraagt momenteel 2%.
 
Wij adviseren u graag over het opnemen of wijzigen van een renteclausule in uw testament. Wilt u meer weten? Neemt u dan contact met ons op.
2018-06-11
Erfbelasting verminderen via schenkingen op papier

Iedereen wil zo min mogelijk belasting betalen. Daar komt bij dat de erfbelasting tot de minst populaire belastingen hoort die in Nederland worden geheven. Een gunstige methode om erfbelasting te verminderen, is de schenking op papier. Hou je je aan de spelregels, dan hoeven de kinderen over het op papier geschonken bedrag later geen erfbelasting te betalen. Op deze manier kan men minimaal tien procent belasting besparen. Dit kan oplopen tot veertien procent bij schenking door ooms en tantes aan neven en nichten.

Wat zijn dan de spelregels waar je je aan moet houden? Allereerst moet een schenking op papier bij de notaris worden vastgelegd, met als hoofddoel dat (meestal) de ouders aan (doorgaans) hun kind in dat betreffende kalenderjaar een geldbedrag schenken. In die akte wordt ook gemeld dat de kinderen het weer (terug)lenen aan hun ouders. Vervolgens moeten de ouders een rente van zes procent betalen aan hun kinderen over dat (terug)geleende bedrag.

Bij dat laatste gaat het nogal eens zoals het niet zou moeten. Jaarlijks moet precies uitgerekend worden hoeveel rente er betaald moet worden. Wie niet betaalt of jaarlijks het rentebedrag een beetje gokt, komt zichzelf tegen, of beter gezegd: de begunstigde is het haasje.

In die gevallen negeert te Belastingdienst alle papieren schenkingen, wat weer tot gevolg heeft dat de begunstigde erfbelasting moet betalen over het volledige schenking van alle schenkingen. Ook als er een gedeelte van de rente is betaald, is de fiscus onverbiddelijk. Een juridisch procedure hiertegen voeren heeft geen zin meer, want de fiscus heeft bij de rechter in een dergelijke zaak al gelijk gekregen.Doet u schenkingen op papier, betaal dan jaarlijks het correcte bedrag aan rente aan de begunstigde. Wilt u meer weten over schenken op papier? Bel ons voor het maken van een afspraak.

Een schenking op papier wordt bij de notaris vastgelegd, met als hoofddoel dat (meestal) de ouders aan (doorgaans) hun kind in dat betreffende kalenderjaar een geldbedrag schenken. In die akte wordt ook gemeld dat de kinderen het weer (terug)lenen aan hun ouders. Vervolgens moeten de ouders een rente van zes procent betalen aan hun kinderen over dat (terug)geleende bedrag.

Bij dat laatste gaat het nogal eens zoals het niet zou moeten. Jaarlijks moet precies uitgerekend worden hoeveel rente er betaald moet worden. Wie niet betaalt of jaarlijks het rentebedrag een beetje gokt, komt zichzelf tegen, of beter gezegd: de begunstigde is het haasje.
In die gevallen negeert te Belastingdienst alle papieren schenkingen, wat weer tot gevolg heeft dat de begunstigde erfbelasting moet betalen over het volledige schenking van alle schenkingen. Ook als is er een deel van de rente betaalt, de fiscus is dan onverbiddelijk. Een juridisch procedure hiertegen voeren heeft geen zin meer, want de fiscus heeft bij de rechter in een dergelijke zaak al gelijk gekregen.

Doet u schenkingen op papier, betaal dan jaarlijks het correcte bedrag aan rente aan de begunstigde. Wilt u meer weten over schenken op papier? Bel ons voor het maken van een afspraak.
2018-05-28
Erfenis naar kleinkinderen in plaats van naar kinderen

In testamenten wordt steeds vaker vastgelegd dat de nalatenschap van ouders niet alleen naar hun kinderen gaat, maar ook naar hun kleinkinderen. Menig ouder zal er geen problemen mee hebben dat zijn of haar erfdeel helemaal of deels naar de eigen kinderen gaat. Kinderloze kinderen van de erflater zullen dit niet altijd op een positieve manier ervaren, omdat hun erfdeel wordt verminderd met het bedrag naar hun neefjes en/of nichtjes gaat.

De wettelijke regeling is dat een erfenis aan de langstlevende partner toekomt en de kinderen een vordering op de langstlevende ouder krijgen. In de praktijk zien notarissen dat veel grootouders hun kleinkinderen een geldlegaat toekennen. Dat is een in het testament vermeld bedrag en kan de te betalen erfbelasting verminderen. Die vermindering wordt veroorzaakt doordat zowel kinderen als kleinkinderen een vrijstelling van € 20.731 (2018) per persoon hebben.
 
Wie ervoor kiest om kleinkinderen een legaat toe te kennen en verder niks regelt, kiest er als gevolg daarvan ook voor dat alle kinderen een even groot deel van hun erfenis daarvoor inleveren. Dat komt soms bij kinderen als onrechtvaardig over, zij moeten dan immers meebetalen aan de legaten voor alle kinderen, ook die van broers en zussen. Ons advies is dan om de legaten aan kleinkinderen expliciet per gezin vast te leggen in het testament. Zo komen de legaten aan de kleinkinderen alleen voor rekening van het erfdeel van hun ouder, en blijft de omvang van de erfdelen van de overige kinderen van de erflater ongemoeid.
 
Wilt u meer weten over het verminderen van erfbelasting door ook uw kleinkinderen te betrekken in uw nalatenschap? Bel ons vor het maken van een afspraak.
2018-04-30